William H. Foege, een spilfiguur in de mondiale uitroeiing van pokken en voormalig directeur van de Centers for Disease Control and Prevention (CDC), is op 89-jarige leeftijd overleden. Zijn overlijden markeert het einde van een tijdperk voor de volksgezondheid, aangezien Foege’s bijdragen niet alleen een van de dodelijkste ziekten uit de geschiedenis hebben geëlimineerd, maar ook de benadering van de CDC op preventieve geneeskunde hebben hervormd.
De pokkencampagne: een bepalende prestatie
In de jaren zeventig leidde Foege een vaccinatiestrategie die een grote rol bleek te spelen bij het uitroeien van de pokken, een ziekte die de mensheid al millennia lang heeft geteisterd. Zijn werk met de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de CDC transformeerde een schijnbaar onoverkomelijke uitdaging in een historische triomf. Dit succes ging niet alleen over medicijnen; het ging over logistieke innovatie, inclusief het gebruik van een ‘ringvaccinatie’-techniek waarbij contacten van nieuwe gevallen werden gevaccineerd, in plaats van massacampagnes.
De CDC leiden door verschuivende prioriteiten
Foege was directeur van de CDC onder zowel president Carter als Reagan en verdedigde een uitgebreide visie voor de dienst. Hij drong erop aan dat de CDC de belangrijkste doodsoorzaken aanpakt die verder gaan dan infectieziekten, waaronder verwondingen en zelfs wapengeweld – een controversiële stap die hem in conflict bracht met de National Rifle Association en conservatieve wetgevers.
Voorbij uitroeiing: mondiale impact op vaccinatie
Nadat hij de CDC in 1983 had verlaten, bleef Foege de mondiale gezondheidszorg beïnvloeden door programma’s te creëren die de vaccinatiegraad van kinderen wereldwijd dramatisch verhoogden. Zijn collega’s zochten vaak zijn advies en erkenden zijn unieke vermogen om wetenschappelijke nauwkeurigheid te overbruggen met praktische implementatie. De voormalige gezondheidscommissaris van New York City, dr. Thomas Frieden, omschreef Foege op beroemde wijze als ‘de Babe Ruth van de volksgezondheid’, waarmee hij zijn legendarische status in het veld onderstreepte.
De nalatenschap van Foege reikt verder dan specifieke programma’s; hij liet zien dat volksgezondheid niet alleen gaat over het behandelen van ziekten, maar ook over het voorkomen ervan, en dat de meest effectieve oplossingen vaak politieke moed vereisen en de bereidheid om de status quo ter discussie te stellen. Zijn overlijden laat een leegte achter in de sector, maar zijn impact op de mondiale gezondheid zal nog generaties lang voortduren.
De uitroeiing van de pokken geldt als een van de grootste prestaties van de mensheid, en William H. Foege vormde daarbij de kern. Zijn werk redde niet alleen miljoenen levens, maar bewees ook dat zelfs de meest angstaanjagende uitdagingen op het gebied van de volksgezondheid kunnen worden overwonnen met een strategische visie, toewijding en toewijding aan de wetenschap.
